De imposante acht meter hoge totempaal bij de entree van Wereldmuseum Leiden is beslist niet over het hoofd te zien. Kwakwaka'wakw houtsnijders uit Canada maakten deze totempaal in 2012 voor het museum. Het snijden van totempalen en ander houtsnijwerk is nog steeds een belangrijke culturele uiting van deze springlevende cultuur. In dit wereldverhaal lees je over de verschillende soorten totempalen, spirituele betekenis van dieren, en familiewapens. In een video vertelt meesterhoutsnijder Rande Cook over de betekenis van totempalen - in het bijzonder deze - en de verbinding met het museum.

Een totempaal in Leiden

Onder leiding van meesterhoutsnijder Rande Cook maakte een team Kwakwaka'wakw (of Kwakiutl) houtsnijders deze indrukwekkende totempaal voor het museum. De basis is uit een rode cederboom van Vancouver lsland gesneden, in het U'mista Cultural Centre in Alert Bay in Canada. In de zomer werkte het team de totempaal af in de museumtuin, voor iedereen zichtbaar. De totempaal blijft zijn leven lang in Leiden. De dondervogel en de orka in de totempaal zijn de clandieren van de familie van respectievelijk de vader en de moeder van Rande Cook.

Totempaal bij de kersenbloesems tijdens Hanami festival

Hoger dan hoog

Totempalen werden alleen aan de noordwest kust gemaakt. Eyak, Tlingit, Haida, Kwakwaka'wakw en Tsimshian sneden de hoge totempalen meestal uit de buigzame rode cederbomen, soms uit gele cederbomen. De meeste totempalen waren drie tot achttien meter hoog, maar Haida en Tsimshian maakten meer dan 30 meter hoge totempalen. Bij de keuze van een boom speelden karakter, schoonheid en ecologisch evenwicht een rol. Voor het kappen werd in een ceremonie eer bewezen en toestemming gevraagd aan de boom.  

Het houtsnijwerk en de beschildering verschilden per cultuur en ook per clan binnen een cultuur. Sommige totempalen werden rondom bewerkt met uitgesneden en beschilderde dierlijke en menselijke figuren. De Kwakwaka'wakw totempalen hebben diep uitgesneden oppervlakken en uitstekende vleugels en snavels, in felle kleuren, zoals de totempaal in de museumtuin.

Totempaal Wereldmuseum Leiden

Verschillende soorten totempalen

Voor verschillende aangelegenheden werden verschillende soorten totempalen opgericht. Totempalen konden tegen een huis staan, meestal aan weerszijden van de deuropening. Of het waren huispalen die de draagbalken van het gebouw ondersteunden. Voor belangrijke leiders werd een jaar na het overlijden losstaande gedenkpaal geplaatst. Een begrafenispaal met een grafkist diende als graf en grafsteen.
  
Het oprichten van een totempaal ging gepaard met een ceremonie. De oprichting werd daarna regelmatig herdacht met een ceremonie, die vaak samen met een feest of potlatch wordt gehouden. Een potlatch is een feest waarbij clanleiders voedsel, kleding en voorwerpen weggeven om hun status en rijkdom te bevestigen, en om sociale banden aan te halen. Dit gebeurt nog steeds. 
 
De losstaande totempaal is één van de meest herkenbare culturele symbolen van First Nation culturen aan de noordwest kust van Canada. Maar het is ook een stereotyperend beeld van alle inheemse bewoners van Noord-Amerika.

Familiewapens die de afstammingslijn uitbeelden

Totempalen stonden op een zichtbare plek, soms waren ze al van veraf te zien. Alleen een clanleider mocht totempalen oprichten. Op sommige plaatsen konden tientallen totempalen van één clanleider staan. De combinatie van uitgebeelde dierlijke, menselijke en bovennatuurlijke motieven vormde een familiewapen en maakte duidelijk om welke vooraanstaande familie het ging.  

Een totempaal kon een verhaal vertellen, maar markeerde meestal de afstammingslijn van een familie, clan, en bevestigde de status, erfrechten en privileges van die familie. Totempalen representeerden en herdachten voorouders, geschiedenissen, belangrijke personen, waarden, tradities, gebeurtenissen van een clan. Verhalen worden al generaties lang binnen families en gemeenschappen doorgegeven en geven de vele verschillende clans een unieke identiteit.

Kwakwaka'wakw totempalen met dondervogels voor het huis van Nimpkish Chief Tlah-Co-Glass, Alert Bay, British Columbia, circa 1923. University of Washington, Public domain, via Wikimedia Commons
Kwakwaka'wakw totempalen met dondervogels voor het huis van Nimpkish Chief Tlah-Co-Glass, Alert Bay, British Columbia, circa 1923. University of Washington, Public domain, via Wikimedia Commons.

Spirituele betekenis van dieren

Elk onderdeel van een totempaal heeft een culturele betekenis, zelfs het hout waaruit hij is gesneden. In First Nation gemeenschappen van Canada spelen dieren een belangrijke rol in het levensonderhoud, het spirituele leven en de sociale structuur, en als inspiratie voor kunst. 

De gestileerde figuur in de top representeert de mythologische voorouder van de clan waartoe de familie behoort, meestal in de gedaante van een dierfiguur. Daaronder staan figuren uit de mythen en tradities van een bepaalde clan, met helemaal onderaan vaak een tweede prominente mythologische figuur van de clan. 

Veel voorkomende clandieren aan de noordwest kust zijn de wolf, adelaar, grizzlybeer, dondervogel, orka, kikker, raaf en zalm. Bij elk dier hoort een eigen verhaal en spirituele betekenis. 

Dondervogel en orka - machtige dieren

Op de totempaal in de museumtuin zijn een dondervogel, met een vleugelspanwijdte van 3,5 meter, en een orka opvallend aanwezig. De mythische dondervogel is de machtigste spirit en symboliseert fysieke en bovennatuurlijke kracht, en bescherming. Een dondervogel kan donder veroorzaken door met zijn vleugels te klappen. Uit zijn bek komen bliksemschichten. Omdat onweer vaak met regen gepaard gaat, wordt de dondervogel ook met vruchtbaarheid geassocieerd. 

De orka wordt ook ‘King of the ocean’ of ‘Wolf of the sea’ genoemd. De orka symboliseert familie, een lang leven, harmonie, gemeenschap en bescherming. Rande Cook vertelt over de clandieren van zijn familie en het maken van deze totempaal in deze video.

De strijd tussen de dondervogel en de orka, onbekende maker, Northwest Coast, voor 1963. (TM-3842-1412)
De strijd tussen de dondervogel en de orka, onbekende maker, Northwest Coast, voor 1963. (TM-3842-1412)

Weinig totempalen over

De eerste Europeanen die de noordwestkust aandeden, zagen gebeeldhouwde en beschilderde steunpilaren en soms een losstaande totempaal. Het snijden van totempalen bereikte rond 1860 een hoogtepunt doordat de vis- en bonthandel met Europeanen voor inkomsten en een hogere status voor meer clans zorgde. Na 1860 werden nog weinig totempalen gemaakt, doordat de handel afnam en ziektes de gemeenschappen verkleinden. Bestaande totempalen ‘verdwenen’ doordat ze vergingen, verwijderd werden of in verzamelingen terecht kwamen. 
 

Arthur Churchill Warner, Public domain, via Wikimedia Commons
Tlingit totempaal (Chief of all women pole) op Pioneer Square, Seattle, Washington (1911). De totempaal die nu op deze locatie staat is een replica van de totempaal op deze oude foto.

Voor toeristen en musea werden nog wel kleine totempalen van hout of leisteen gemaakt.

Een groot aantal ceremoniële regalia en gebruiksvoorwerpen is verkocht of zonder toestemming meegenomen door christelijke missionarissen en regeringsbeambtenaren die inheemse religies en gebruiken bestreden. Veel voorwerpen belandden in musea en particuliere verzamelingen in Noord-Amerika en West-Europa, en bevinden zich daar nog. Voorwerpen worden mondjesmaat gerepatrieerd aan First Nation gemeenschappen.

Mungo Martin House aka Wawadit'la (1953) en drie Kwakwaka'wakw totempalen uit – van links naar rechts – 1953, 1981, 1954.
Mungo Martin House aka Wawadit'la (1953) en drie Kwakwaka'wakw totempalen uit – van links naar rechts – 1953, 1981, 1954. User HighInBC on en.wikipedia, Public domain, via Wikimedia Commons.

Vanaf 1940 begonnen musea met het verzamelen, restaureren en reproduceren van totempalen, daarin geassisteerd door vooraanstaande kunstenaars. Sinds 1970 laten bedrijven soms totempalen maken om die voor hun kantoren op te stellen als uiting van verbondenheid met de regio.

Totempalen in Stanley Park, Vancouver, British Columbia (2013). Another Believer, CC BY-SA 3.0 <https://creativecommons.org/licenses/by-sa/3.0>, via Wikimedia Commons
Stanley Park, Vancouver, British Columbia (2013). Another Believer, CC BY-SA 3.0 <https://creativecommons.org/licenses/by-sa/3.0>, via Wikimedia Commons.

Op bestelling gemaakt

De totempaal van Wereldmuseum Leiden is op bestelling gemaakt. De meesterhoutsnijder had daarbij de vrije hand qua ontwerp. Er zijn meerdere ateliers die op bestelling een totempaal maken. De vraag die daarbij onmiddellijk rijst is of het cultureel gepast is om een totempaal te laten snijden voor een niet-inheemse opdrachtgever. Rande Cook licht toe dat de totempalen laten zien dat inheemse culturen springlevend en vernieuwend zijn. Door culturele uitingen te delen, groeit ook de aandacht voor die culturen en het besef dat zij door koloniale onderdrukking soms op het punt van verdwijnen stonden. De totempaal in Leiden verbindt en beschermt.

Over de auteur: Marijke Kunst is collectieregistrator in het Wereldmuseum.